Commons Manifest (Naar de kern van de commons, versie 1.0)

Wat zijn commons eigenlijk? Wat zijn hun troeven? Maakt ‘commoning’ in deze tijd een verschil en hoe? Je leest er meer over in een eerste versie van het commonsmanifest hieronder. Het ontstond in het voorjaar, in de nasleep van de eerste coronacrisis. Tientallen partners werkten mee. Dit proces leidde tot dertien krachtlijnen, een oefening om de ziel van de huidige commonsbeweging te vatten. De tekst is een levend document. Heb je vragen, opmerkingen, aanvullingen …? Of ideeën om het te verspreiden? Hier een link naar een bewerkbare online versie.  

Heb je honger naar meer? Ben je hoopvol en enthousiast over de commonsbeweging? Kom dan zeker naar het commonscongres op vrijdag 27 november. 

————————————————————————————————————–

Inleiding: Een commonsgerichte kijk op de samenleving

De term ‘common’ verwijst naar gemeenschappelijk bezit of beheer. Een common ontstaat als je met anderen een fysiek of abstract ‘goed’ (een weiland, een tuin, een gebouw, een energiebron … maar evengoed kennis, software, gezonde lucht, water …) gebruikt of deelt en je over het gebruik en beheer samen afspraken maakt.

Het beheer van wat ons allen aanbelangt in goede banen leiden, verantwoordelijkheid nemen, afspraken maken, zorg dragen voor elkaar, evalueren: dat is wat commons in essentie doen. 

Commons hebben veel troeven: 

  • ze bewandelen een alternatieve weg: tussen overheid, markt en middenveld in hanteren ze een ruimere blik om naar problemen, behoeften en kansen te kijken;
  • ze appelleren aan een diepmenselijke behoefte om het gemeengoed dat ons dierbaar is en de hulpbronnen waaraan we nood hebben, te beschermen;
  • ze vermenselijken en verduurzamen domeinen als zorg, mobiliteit, voeding, wonen, sociale relaties, economie, energie, consumptie, de inrichting van openbaar domein …; 
  • ze helpen om een aantal knelpunten van de 21ste eeuw – klimaatcrisis, politieke vervreemding, polarisering, ongelijkheid – op te lossen;
  • ze vormen een positieve beweging, die mensen hoop, moed en perspectief geeft.

Een commonsmanifest (naar de kern van de commons)

  1. Mensen zijn geboren samenwerkers 

De mens is geen pure homo economicus. We zijn van nature samenwerkende, delende wezens.

Commons trainen onze samenwerkingsspieren, over de grenzen van leeftijd, achtergrond, gender en afkomst heen. We hebben elkaar nodig. Commons zijn niet tegen de staat of de markt. Burgers alleen zullen de wereld niet redden. Door samen te werken met de overheid, ambtenaren, wetenschappers, middenveld en privéspelers evolueren we naar gedeelde bestuursmacht en -kracht. 

  1. Werken ‘in’ de gemeenschap is werken ‘aan’ de gemeenschap

In alle geledingen van de maatschappij doet zich een ontwikkeling naar zelfredzaamheid voor. Passieve consumenten worden actieve burgers. Zij slaan de handen in elkaar om een antwoord te vinden op behoeften die overheden en bedrijven niet ingevuld krijgen. Ze pakken bijvoorbeeld zelf de klimaatcrisis of de groeiende ongelijkheid tussen rijk en arm aan.

Commons erkennen én capteren die ontwakende burgerzin. Ze zijn een recept voor betrokkenheid en stimuleren op die manier ook verantwoordelijkheid. You can’t be lazy in a common. Commonsgericht denken en werken gebeurt niet alleen in het belang van een gemeenschap, maar legt ook de verantwoordelijkheid bij die gemeenschap. 

  1. Kennis is er om te delen 

De wereld is zo complex dat de kennis en creativiteit van het collectief nodig zijn om knopen op het vlak van voedsel, openbare ruimte, energie, mobiliteit, armoede … te ontwarren. Commons bieden een denkkader en structuur om die collectiviteit te organiseren. 

Kennis is een immateriële common, een gemeengoed dat je kunt delen en doorgeven zonder dat er sprake is van schaarste. Kennis groeit door die met anderen te delen. Kennis delen versnelt de transitie naar duurzame oplossingen. 

Het is van cruciaal belang dat kennis in handen blijft van de gemeenschap, niet van winstgedreven bedrijven met een handvol aandeelhouders.

  1. Medebeheer tilt ons op een hoger niveau

Medebeheer en transparantie zijn essentieel bij commons. Ze verhinderen dat de sterkste de overhand neemt. Medebeheer is een kunde die geleerd, gerespecteerd en ondersteund moet worden. Het vereist, telkens opnieuw, afspraken maken, onderhandelen, compromissen zoeken, aftoetsen. Medebeheer houdt een kans tot zelfontwikkeling in en tilt mensen op een hoger niveau. 

  1. Met vertrouwen kom je verder

Commons functioneren op basis van afspraken en regels. Daarnaast vraagt commoning een grote mate van vertrouwen. Vertrouwen is een basisprincipe om commons te laten bloeien. Commoners vertrouwen erop dat wat ze delen, een zorgzame behandeling krijgt, dat de nodige competenties zich binnen het collectief ontplooien. 

Vertrouwen draagt bij tot een positief mensbeeld, dat stilaan doordringt tot het grote publiek: ‘de meeste mensen deugen’. Dat is een cruciale vaststelling, want vertrouwen maakt mensen sterker. Het laat hen toe hun leven zelf in handen te nemen en zeggenschap te verwerven over wat hen aanbelangt.

Samenwerken in vertrouwen: daar oefenen we over het algemeen te weinig op in de maatschappij van vandaag.

  1. Beslissingsprocessen verlopen horizontaal

Commons zijn ultieme mini-maatschappijen. Iedereen kan een bijdrage leveren. Binnen de commons gelden horizontale samenwerkingsverbanden. Beslissingsprocessen verlopen op een niet-hiërarchische manier, voorbij de klassieke sociaal-economische breuklijnen in de maatschappij. Iedereen heeft zeggenschap. Dat creëert meer gelijkheid, resulteert in een democratisch organisatiemodel en verhindert machtsconcentratie. 

  1. Veranderen gebeurt al doende

‘Praten’ over een betere wereld is één, concreet dingen ‘doen’ is sterker. Commoning is een werkwoord. Problemen geraken niet opgelost door ‘de ander’ of ‘het systeem’ te verwijten dat er iets moet gebeuren. Commons zijn op die manier een middel tegen cynisme en lethargie. 

Samen de handen uit de mouwen – of in de grond – steken, is een krachtige manier om verbondenheid te creëren. De huidige burger- en commonscollectieven experimenteren volop, ze handelen, geven samenwerking al doende vorm. 

  1. Actief burgerschap creëert veerkracht 

De praktijk van commoning, collectief denken en handelen, zorgt ervoor dat burgers impact hebben op de samenleving. Wat ze doen, doet ertoe. Commoners hebben een sterke intrinsieke motivatie. Dat maakt commons veerkrachtig. Commons maken van mensen actieve burgers. Actief burgerschap geeft de samenleving een boost van veerkracht. 

Lokale netwerken, translokaal wereldwijd verbonden, zijn een garantie om eventueel nieuwe schokken of crisissen te doorstaan. 

Commoning is een speelveld voor experiment, een school voor ambachtslui, vakmensen en ondernemers die mee zorgen voor een veerkrachtig lokaal economisch weefsel.

  1. Eenvoud heeft de toekomst

Veel mensen verlangen naar een eenvoudiger, serener leven, met minder stress, meer aandacht voor de natuur, lokale productie, minder overschot en afval. De zoektocht naar die waarden is in veel commonsinitiatieven aanwezig. Minder ‘hebben’ levert meer welzijn op. De menselijke druk op de natuur verlaagt. 

Het is nodig om productie en economie afhankelijk te maken van reële noden, getoetst aan duurzame principes, niet aan onnodige en gecreëerde behoeften.

  1. Economie is mensgericht en waardegedreven

Het is geen optie om op een extractief, destructief economisch kompas verder te varen. Collectieve sociale en ecologische doelen moeten het richtsnoer van de economie worden. Commonsgerichte manieren van produceren en consumeren houden rekening met de grenzen van de planeet, zetten in op het algemeen belang en het rechtvaardig verdelen van middelen. Commons richten zich niet op geldgewin, winstmaximalisatie en aandeelhouderswaarde. Er is geen sprake van hebzucht: het draait niet om ik, maar om wij. Concurrentie maakt plaats voor samenwerking. Een commonseconomie is niet gericht op het opdrijven van efficiëntie en werpt een dam tegen de macht van megabedrijven en nep-deelbedrijven.

  1. Collectief belang gaat voor op individueel belang

De tragedy of the commons is al vaak ontkracht. Het maximaliseren van persoonlijke opbrengst en winstbejag binnen de commons is een mythe. Commons zijn per definitie gereguleerd. Gedeelde afspraken staan centraal. Dat kenmerk zorgt er net voor dat commoners wikken en wegen, nadenken over hun relatie tot de ander en het geheel. Die reflexen drukken eigenbelang de kop in en vormen een remedie tegen uitputting van hulpbronnen en overconsumptie.

  1. Wat goed is voor de sterken, is sterk voor de zwakken

Commons gaan zorgzaam en met mededogen te werk. Wat goed is voor het geheel, is goed voor iedereen. Goed beheer komt zowel de groep als het individu ten goede. Daar hoort extra aandacht bij voor kwetsbare leden van de gemeenschap of zij die geen stem hebben. Binnen een common hoeft niet iedereen evenveel bij te dragen. Er is respect voor beperkingen van mensen. De sterkste schouders dragen de zwaarste lasten. Ieder geeft naar vermogen, goesting, capaciteit, vaardigheden en tijd. 

  1. Commons hebben veel potentieel

Commons zijn sterk, maar ook kwetsbaar. Medebeheer is een moeilijk proces. Je moet het bewaken, telkens weer expliciteren en afdwingen.  

Er is in de maatschappij nog onvoldoende draagvlak en vertrouwen om commonsexperimenten toe te laten. Een wettelijk kader ontbreekt. Toch groeit het aantal commonsinitiatieven exponentieel. 

Veel commons weerspiegelen in hun samenstelling slechts een beperkt deel van de samenleving. Het aanboren van nieuwe thema’s en doelgroepen zorgt voor meer relevantie. Dit komt de diversiteit en inclusiviteit van de commonsbeweging ten goede. 

Commoning zou een basisrecht moeten zijn.